



Een van de kritische categorieën waarmee men architectuur haar politieke betekenis kan teruggeven, is die van de leegte. Het is deze kritische traditie van de leegte die Kersten Geers en David Van Severen in het Belgisch paviljoen op de Internationale Architectuurbiënnale van Venetië nieuw leven inblazen.
Het Belgisch paviljoen wordt door een zeven meter hoge muur losgeknipt van de overheersende context van de architectuurbiënnale. De vloer van zowel het bestaande paviljoen als de nieuwe ‘tuin’ rond het paviljoen wordt bedekt met een laag confetti. (…)
Door te kiezen voor absolute leegte wordt de bizarre ‘volheid’ van het laatkapitalistische designfeestje dat zich afspeelt in de aangrenzende Gardini, onderwerp van gesprek in het Belgisch paviljoen. Het is een vorm van architectonische zelfdefinitie die haar bestaansrecht ontleent aan de abstracte negatie van de heersende actualiteit. Vol plezier — het is immers een after party — wordt een dialectisch spel gespeeld van opposities.
Auteur: Roemer Van Toorn







