Oproep / Internationale architectuurbiënnale Venetië 2012 / ViA RUIMTE de trans-Europese metropool

Oproep Internationale architectuurbiënnale Venetië 2012 / ViA RUIMTE

Voor de Internationale Architectuurbiënnale van Venetië 2012 worden ontwerpers, onderzoekers en critici uitgenodigd een tentoonstellingsconcept te ontwikkelen dat de essentie blootlegt van ViA Ruimte.

De Internationale Architectuurbiënnale van Venetië 2012 is een momentum. Niet zozeer voor het tentoonspreiden van architecturale bravoure, maar een momentum dat we willen inzetten bij de ontwikkeling van een bouwcultuur, een bouwcultuur voor Vlaanderen binnen Europa. De tentoonstelling in Venetië wordt aangegrepen om te laten zien hoe economische en culturele dynamieken in Vlaanderen en Europa van invloed zijn op ruimtelijke ontwikkelingen en kunnen worden ingezet in de ontwikkeling van ruimtelijke visies.

Vlaanderen in Actie / ViA Ruimte

Het politieke ambitiedocument ViA (Vlaanderen in Actie)* wil Vlaanderen op verscheidene vlakken tegen 2020 bij de top vijf regio’s van Europa laten behoren. Het is evident dat deze beleidsambitie een ruimtelijke vertaling verdient op verschillende schaalniveaus. De vraag wat de Vlaamse regio met betrekking tot de ruimtelijke en architecturale ontwikkeling kan betekenen binnen een Europese context is de aanleiding om de grenzen van die regio af te tasten en een onderzoekstraject te lanceren dat ingaat op regio- of grensoverschrijdende gebieden.

In zijn ambitienota 2010-2015 introduceerde Vlaams Bouwmeester Peter Swinnen daarom het begrip "ViA Ruimte" als een kader waarbinnen de komende jaren een aantal speculatieve architecturale en ruimtelijke denkpistes en initiatieven zullen worden uitgezet. Aan de basis hiervan ligt de vraag wat de Vlaamse regio qua ruimtelijke en architecturale ontwikkeling kan betekenen binnen een Europese context. Een van de pistes betreft een onderzoek naar regio- of grensoverschrijdende gebieden dat de architecturale en ruimtelijke marges van Vlaanderen wil aftasten "om los te kunnen komen van een krampachtige centrumgedachte, zoals die onder meer tot uitdrukking komt in het model van de Vlaamse Ruit. De realiteit heeft ons immers al geleerd dat het centrum niet per se in het midden hoeft te liggen."

Dit onderzoekstraject gaat uit van een fundamenteel geloof in de mogelijkheden van de Europese Ruimte. Toch stellen we vast dat bij gebrek aan pertinente modellen en/of begrippen ervoor, de Europese Ruimte voortdurend een problematisch concept blijft. Reeds van bij de oorsprong van Europa, de oprichting van het Benelux samenwerkingsmodel, was over de ruimtelijke aspecten van dat model nauwelijks nagedacht. En bij de verdere uitbreiding van het aantal deelstaten stond het reflecteren over ruimte nooit (hoog) op de agenda. Op Europees niveau lijken de bestaande politieke, sociale en ruimtelijke modellen steeds minder afdoend. Europa kan niet langer beschouwd worden als de loutere som van haar onderdelen. Europa schuilt in andere, nieuwe, overlappende verbanden.

In Europa is al een tijd een doorgedreven ‘metropolisatie’ aan de gang. Pogingen om het potentieel van een Europese ruimtelijke schaal en conditie te definiëren, hebben tot nu toe echter zelden geleid tot vervulde ambities. Talrijke stedelijke of regionale modellen werden uitgedacht om de ‘Europese conditie’ te vatten: de Blauwe en Gouden Banaan, de Vlaamse Ruit, de North Western Metropolitan Area, het Balkanmodel: allen zijn zij met mediagevoelige bravoure gelanceerd, allen trachten ze ook de weerbarstige realiteit van economische en maatschappelijke dynamieken – van vooruitgang, van stagnatie en van krimp – in een retorisch keurslijf te dwingen. Ondanks hun ogenschijnlijk onovertroffen overtuigingskracht lijken ze met de jaren steeds minder relevant.

Tegelijkertijd, en vaak onopgemerkt, ontwikkelen zich concrete partnerschappen over de grenzen heen. Het gaat om samenwerkingen tussen regio’s die op het eerste gezicht niet spectaculair zijn, maar een tastbaar effect op het dagelijkse leven hebben: ondernemers die al lang de opportuniteiten van een grotere thuismarkt benutten, mondige consumenten die als vanzelfsprekend gebruik maken van het aanbod over de grens. Het zijn initiatieven die een schaal bepalen die voorbij gaat aan het centralistische stadsmodel en regionale en nationale grenzen overstijgt. Het zijn samenwerkingsmodellen waarvan we stellen dat ze de potentie hebben om tot een werkbare definitie van de Europese stedelijke ruimte te leiden.

Europa is gebaseerd op en samengesteld door samenwerking. Deze vindt haar concrete en reële doorwerking in grensoverschrijdende metropolitane gebieden zoals onder meer de Euregio Maas-Rijn, de Delta Antwerpen-Rotterdam en de Eurometropool Rijsel-Kortrijk-Doornik. Deze gebieden worden gekenmerkt door meervoudigheid en een gezonde incoherentie. Ze celebreren eerder hun diversiteit dan dat ze trachten te unificeren. Ze gaan voorbij aan de verklarende modellen die vanaf de jaren tachtig van de laatste eeuw zijn geïntroduceerd (Urban Sprawl, stedelijke ringontwikkelingen, etc.). De complementaire karakters van steden en regio’s werken versterkend en krijgen hun beslag in complexe nieuwe kaarten van oude historische landschappen.

Met ViA RUIMTE wil Vlaanderen op de Internationale Architectuurbiënnale van Venetië 2012 de dingen eerder bevragen, dan ze te bevestigen. ViA Ruimte vertrekt vanuit de intuïtie dat deze grensoverschrijdende regio’s de nieuwe sleutels bevatten om de Europese ruimtelijke conditie scherp te stellen en te ontwerpen. ViA Ruimte wil zich concentreren op de ruimtelijke effecten van interregionale samenwerkingen, grensoverschrijdende economische verbanden, gemeenschappelijke investeringsprogramma’s en gedeelde politieke draagvlakken.

Het wil op een speculatieve wijze onderzoek inschakelen in de totstandkoming van een Europese ruimtelijke realpolitiek.

*Op www.vlaandereninactie.be lezen we hierover het volgende: Vlaanderen moet excelleren op elk maatschappelijk domein: wetenschappelijk, economisch, ecologisch, onderwijskundig, sociaal, internationaal en bestuursmatig. Dat is een ambitieuze doelstelling. Om die te bereiken hebben we meer nodig dan enkele kleine stapjes voorwaarts. We hebben nood aan enkele grote doorbraken, dat zijn fundamentele omwentelingen die een grote stap voorwaarts betekenen voor Vlaanderen. ViA formuleerde zeven doorbraken: De open ondernemer, De lerende Vlaming, Innovatiecentrum Vlaanderen, Groen en dynamisch stedengewest, Slimme draaischijf van Europa, Warme samenleving, Slagkrachtige overheid. De doorbraken zijn omgezet in 20 concrete doelstellingen in het Pact 2020. De Vlaamse Regering en de sociale partners ondertekenden het Pact en engageren zich om het uit te voeren.

Opgave

Voor de Internationale Architectuurbiënnale van Venetië 2012 worden ontwerpers, onderzoekers, critici en zo meer, uitgenodigd om een tentoonstellingsconcept te ontwikkelen dat de essentie blootlegt van ViA Ruimte.

De tentoonstelling in het Belgisch Paviljoen in de Giardini brengt enerzijds de grensoverschrijdende condities van de Vlaamse stedelijkheid in kaart en gaat anderzijds in op de mogelijke toekomstvisies voor Vlaanderen in Europa. Niet als een afgebakend veld, maar als een regio in het midden van Europa waarvan de grenzen altijd onscherp zijn geweest en zullen blijven. Een gebied dat bepaald wordt door zijn geografie, door nederzettingspatronen en infrastructurele netwerken, maar ook door de ruimtelijk aanwezigheid van immateriele gegevens, door officiële geschiedenissen en kleine verhalen.

Voor de inzenders geldt dat zij zich moeten richten op een zeer communiceerbaar concept dat het verhaal van de ViA Ruimte in een oogopslag zichtbaar en tastbaar maakt. Tegelijkertijd moeten ze duidelijk maken hoe ze dit verhaal vanuit economische, sociologische en planologische analyses, maar ook culturele en poëtische registraties zullen voeden.
Het beeld dat zo ontstaat is genuanceerd, maar ook verrassend en laat aspecten van de werkelijkheid zien die eerder verborgen zijn. Teams voor deze opgave zijn dus multidisciplinair en in staat om een duidelijke en sterke visuele taal te koppelen aan degelijke onderzoekscapaciteiten.
De teams zullen bij de uitwerking van hun concept nauw worden opgevolgd door het Vlaams Architectuurinstituut en het Team Vlaams Bouwmeester. Het geleverde werk zal ook worden ingeschakeld in het ruimere onderzoekstraject dat loopt binnen het Team Vlaams Bouwmeester.

In te dienen voor de eerste ronde van de oproep:

een beknopt tekstdocument van niet meer dan 2 pagina's A4 (ca. 1800 woorden, Nederlands of Engels), vergezeld van kernachtige illustraties.
In te dienen als pdf.

Dit document bevat:

  • een duidelijk geformuleerde visie over de opgave en over Vlaanderen als Europese regio
  • een indicatie van de concrete thematieken en invalshoeken (ruimtelijk, cultureel, historisch etc.) die hiermee verbonden zullen worden
  • de focus waarop men wil ingaan binnen de breed geformuleerde VIA-ruimte (b.v.b. op bepaalde regio's en hun toekomstperspectieven, of aspecten van de ruimtelijke ontwikkeling van Vlaanderen)
  • beelden die aantonen hoe deze visie middels een krachtige scenografie zal worden gecommuniceerd 
  • aangeven van te gebruiken installaties of audiovisuele middelen
  • een duidelijke omschrijving van het team en van de disciplines die bij het team zullen worden betrokken. Het voorstel moet in een team uitgewerkt worden. Evenwel moet aangegeven worden wie concreet de hoofdverantwoordelijkheid neemt.

Het is belangrijk om aan te geven hoe men op een interessante en hopelijk onconventionele manier nadenkt over het valoriseren van bestaand onderzoek voor een sterke tentoonstelling. De vraagstelling nodigt uit om expliciet interdisciplinair (met insteken vanuit de economische wetenschappen, de beeldende kunsten, de film, literaire of historische invalshoeken, antropologie, oral history etc.) te werken.

De criteria voor de beoordeling zijn

  • de helderheid van de visie op ViA Ruimte en op de culturele, economische en ruimtelijke ontwikkeling van Vlaanderen
  • vertaling naar een sterke scenografie
  • de aanwezigheid van een team dat terzake kundig is, maar ook breed en diep over de thematiek kan denken.

Planning

Fase 1: Bepaling samenwerkingsteams : mei /juni 2011

half mei 2011: oproep voor de inzending van een beknopte visietekst die informatie geeft over de inhoudelijke focus en het tentoonstellingsconcept. Daarbij dient aangegeven te worden welke disciplines bij de inzending worden betrokken en welke visuele middelen zullen worden ingezet en hoe het team aan het onderzoek en het ontwerp van de expositie wil gaan werken.
Deadline fase 1: 10 juli 2011 om 18u00

Fase 2 Besloten wedstrijd: september-december 2011

Uit de inzendingen in deze ronde worden 3 samenwerkingsteams geselecteerd die uitgenodigd worden om aan fase 2 mee te werken. Deze drie teams werken aan een voldragen tentoonstellingsconcept waarin het onderzoek dat is verricht op een beeldende, verrassende manier is verwerkt. Deze presentatie omvat ontwerptekeningen voor de inrichting van de tentoonstellingsruimte, de scenografie en de verschillende vormen van overdracht, alsmede mogelijke publicaties. De resultaten van deze fase moeten op zichzelf publiceerbaar zijn.
Voor elk van de drie teams is een vergoeding van 10.000 Euro voorzien.
Deadline fase 2: 21 november 2011

Bekendmaking van het team dat belast wordt met de inzending voor de Biënnale 2012 geschiedt begin december.

Fase 3 uitvoering: januari–augustus 2012

Het winnende team zal in dit traject nauw samenwerken met de Vlaams Bouwmeester en het VAi dat de productie van de tentoonstelling voor zijn rekening neemt.

Praktisch

deadline fase 1: alle inzendingen dienen ons uiterlijk op 10 juli 2011 om 18u00 te bereiken.
Dossier op papier en via e-mail te versturen naar: Christoph Grafe, Vlaams Architectuurinstituut, Jan Van Rijswijcklaan 155, 2018 Antwerpen, info@vai.be

Meer info? info@vai.be of + 32 (0) 3 242 89 70

Corporate partners

Retail Estates

Cultural partners

hier niet aan komen aub