Hoekwoning

Hoekwoning, cuypers & Q architecten, © Stijn Bollaert
Hoekwoning, cuypers & Q architecten, © Stijn Bollaert
Hoekwoning, cuypers & Q architecten, © Stijn Bollaert
Hoekwoning, cuypers & Q architecten, © Stijn Bollaert

Het dichte weefsel van de negentiende-eeuwse gordel, de scherpe hoek van een volgestouwd driehoekig bouwblok, pal noord. Niet te verwonderen dat dit perceel er vele jaren braak bijlag, in absolute nutteloosheid, tenzij om stiekem de hond uit te laten. Alleen vier grote reclamepanelen tegen de blinde zijgevels van de aanpalende huizen leken nog te beseffen dat dit een uitzonderlijke locatie is, zichtbaar en opvallend, in de as van de Pothoekstraat die er splitst om de twee benen van een erg scherpe en moeilijk bebouwbare hoek te vormen. Vermoedelijk was de hoek ooit — het woord zegt het zelf — een winkel, zowat het enige wat er zinvol mee aan te vangen was, daarna gesloten, verkrot, afgebroken. Bouwblokken sterven het eerst af aan de hoeken. Vernieuwing van dergelijke hoekpanden is de alfa van stedelijke bouwblokrenovatie.

Cuypers & Q architecten stond voor een klassieke, maar tegelijk aartsmoeilijke opdracht. Het hoekperceel is niet eens een are groot. De voetpaden erlangs, wat verbreed en verlengd aan het hoekpunt, zijn samen even groot als het totale perceel. Aan de achterkant ontnemen hoge gemene muren elke hoop op een straaltje zuiderzon. De oplossing zit in een genetische manipulatie van het ruimtelijke DNA van het hoektype: de leefruimte zo hoog mogelijk tillen en op zoek gaan naar zon en private buitenruimte tussen de daken. Vanuit dit morfologisch principe ontwierpen de architecten een mooi voorbeeld van compacte, verticale stadsarchitectuur.

Op de benedenverdieping bevindt zich een polyvalente ruimte, met eigen toegang pal op de licht afgestompte hoek, eigen sanitaire cel en royaal zicht op de samenvloeiende straten. De hoek als archetypische winkel, maar evengoed atelier, bureau, speelruimte. Naast de aparte toegang met ruime fietsenstalling beschikt men over een carport. Deze wordt vreemd genoeg niet helemaal overdekt door de kamers erboven, maar loopt over in een kleine open koer, een minipatio. Dit kleine strookje buitenruimte, op de benedenverdieping door een glaswand visueel verbonden met de traphal, brengt richting, diepte, voor-achter- en binnen-buitenervaring in het anders volledig dichtgebouwde perceel. De traphal, aan de achterzijde van het min of meer driehoekige perceel, kreeg eveneens een driehoekige vorm. In het grondplan laat dit toe aan beide straatgevels te voorzien in een strook met rechthoekige vertrekken. Op elke verdieping ontmoeten beide stroken elkaar op een andere manier in de hoek en vormen er telkens andere hoekruimten. Ook de traphal verbindt zich telkens op een andere wijze met de ruimten die ze van beneden naar boven aandoet. Door een driehoekig, in glas opgetrokken dakvlak stroomt bovenlicht in overvloed naar binnen, filtert naar beneden en verenigt alle verdiepingen.

Op de eerste verdieping zijn de beide stroken, voorzien voor slaapvertrekken, op verschillende manieren opdeelbaar: van minimaal twee grote polyvalente slaap- en werkkamers tot vier slaapkamers en een aparte kleine werkkamer, alle afzonderlijk toegankelijk
vanuit de ruime driehoekige hal. In de hoogte wint de woning steeds meer aan licht en ruimtelijkheid. Behalve door een kamergrote berging wordt heel de tweede verdieping ingenomen door de leefruimte die met een suite van vijf ramen rond de hoek haar panoptische positie in het stratenpatroon optimaal benut. Binnen loopt de open keuken en eetkamer over in een verhoogde leefruimte. De terraskamer en twee dakterrassen — een meer beschut lager en een panoramisch hoger gelegen terras — vormen de klap op de vuurpijl. Jammer van de slordig uitgewerkte houten trap met zittreden die beide terrassen verbindt. Cuypers & Q architecten maakt brandhout van de slechte reputatie die de scherpe hoekkavels uit de negentiende-eeuwse gordel hadden gekregen. Zij recycleerden
een stukje stad dat er voor iedereen afgeschreven bij lag. Uitgerekend op die plek realiseerden zij een eigenzinnige en toch meervoudig bruikbare stadswoning. De vormgeving oogt sober maar solide: een beetje een fort, een beetje een boeg, in beide gevallen voorpost van vernieuwd stedelijke wonen.

Auteur: André Loeckx, Marc Martens

Architectenbureau: 

cuypers & Q architecten

Ontwerpers: 

Gert Cuypers
Pieter Decorte
Lieve Vermeiren

Opdrachtgever: 

AG Vespa

Taal: 

Nederlands

Straat: 

Potgieterstraat

Nummer: 

2-4

Postcode: 

2 060

Gemeente: 

Antwerpen

Land: 

België

Datum ontwerp: 

2005

Datum oplevering: 

2009

Oppervlakte: 

264 m²

Volume: 

800 m³

Totale bouwkost: 

296 500 €, excl. BTW

Totale bouwkost per m2: 

1 123 €, excl. BTW

Studiebureaus: 

studiebureau stabiliteit: Ingenieursbureau Eddy Henskens bvba

Hoofdaannemers: 

ABM bvba

Trefwoorden: 

Corporate partners

Retail Estates

Cultural partners

hier niet aan komen aub