Tijdelijk kantoor- en expositieruimte RDF 181

Tijdelijk kantoor- en expositieruimte RDF 181, Rotor, © Jan Kempenaers
Tijdelijk kantoor- en expositieruimte RDF 181, Rotor, © Jan Kempenaers
Tijdelijk kantoor- en expositieruimte RDF 181, Rotor, © Jan Kempenaers
Tijdelijk kantoor- en expositieruimte RDF 181, Rotor, © Jan Kempenaers
Tijdelijk kantoor- en expositieruimte RDF 181, Rotor, © Jan Kempenaers

Tegen de blinde gevel van een herenhuis aan de smalle Vlaamsesteenweg in Brussel hangt een gele parasiet: het hoofdkantoor RDF 181 van vzw Rotor. De constructie is gebouwd tussen vier betonnen steunberen die de blinde gevel moeten stutten en is volledig opgebouwd uit industriële restmaterialen en herbruikbare materialen. Een afgekeurd lot folie, oud tentoonstellingsmateriaal en transparant zeildoek zijn gebruikt voor de ramen, EVA1-schuim fungeert als isolatie van het dak, kunststofbekleding uit bestelwagens bekleedt het terras en materialen die Rotor van bouwfirma’s in bruikleen kreeg (stutten, schoren en bekistingbalken) vormen de structuur.

De constructie is een quasi letterlijke vertaling van de ideeën waar Rotor voor staat: het is een vzw die zich logistiek organiseert om restjes industriële materialen een tweede leven te geven. In eerste instantie werkt Rotor met kunstenaars en designers die op zoek zijn naar goedkope of alternatieve materialen. Met hun kantoor als voorbeeldproject wilden ze echter aantonen dat het hergebruik van materialen ook mogelijk is op een schaal die groter is dan die van designontwerp.

Het terrein is een braakliggend perceel waar een bouwpromotor nieuwbouwwoningen op plant. In afwachting van de goedkeuring van de vergunningen gaf de firma het terrein een jaar in bruikleen aan Rotor. Voorwaarde was dat de begane grond vrij moest blijven als parkeerplek voor de eigenaar. Daarom torent het kantoor nu, op halve hoogte van de betonnen steunberen, boven de omheining van het terrein uit. Rotor omschrijft deze oplossing als legal squatting (legaal kraken). Het kantoor is een rechthoekige ruimte van 65 vierkante meter, waarin de leden van de vzw de dagelijkse logistiek organiseren en waar geregeld kleine tentoonstellingen te zien zijn. Voor de verwarming en elektriciteitsvoorziening in de ruimte werd een dubbelgebruik geregeld met de buren, van wie elektriciteit en water wordt afgetapt. De installatie van een toilet bleek niet haalbaar gezien de korte termijn van hetproject, maar de medewerkers van Rotor kunnen naar het toilet gaan in een café iets verderop in de straat. Door zulke afspraken krijgt het kantoor als illegaal bouwsel – er werd geen bouwaanvraag ingediend – toch een legaal karakter. Weliswaar is dat niet het geval op juridisch vlak, maar wel op maatschappelijk. Bovendien toont Rotor op die manier zijn utopische visie om niet alleen op een andere manier om te springen met bestaande industriematerialen, maar ook met het ruimtegebruik in de stad.

Het gebruik van stutten en schoren, net zoals op een werf, benadrukt het tijdelijke karakter van de constructie. De recyclagedoos hangt niet echt aan de gevel, maar wordt netjes van beneden naar boven opgebouwd met stellingen waarop gele, herbruikbare bekistingsbalken liggen. Die vormen de basis voor een houten vloerconstructie. Langs de blinde gevel fungeren de betonnen steunberen en de muur zelf als dragende elementen. ze stutten het dak en worden tegelijkertijd als boekenrek gebruikt. Raamkaders werden gerecycleerd uit oud tentoonstellingsmateriaal, dat op die manier meteen ook de hoogte van de ruimte bepaalt. Voor de veiligheid werd een dun wapeningsnet ingelast. Ten slotte werd de hele ruimte ingepakt met een soort doorschijnende folie, afkomstig van een afgekeurd lot plasticfolie. Dit levert een heel lichte, maar in zichzelf gekeerde ruimte op. Van het dak werd daarom een dakterras gemaakt, waar kan worden gefeest en vergaderd. In een externe stelling zit een trap, die toegang verleent tot de doos en het dakterras. Ondanks het private karakter van dekantoorruimte, appreciëren de buren de vrolijk gele parasiet. De betonnen steunberen en het leegstaande terrein die het straatbeeld al jaren bepaalden, waren voor hen een troosteloos element in de straat. De eigenaar behoudt bij dit alles een ongeïnteresseerde houding en heeft de gevraagde parkeerruimte onder het kantoor omgetoverd tot stortplek.

RDF 181 valt op door de radicale combinatie van creativiteit, tijdelijkheid en herbruikbaarheid. Dit is geen ordinair kraakpand, maar misschien wel een beetje de ultieme grote-jongensdroom over kampen bouwen.

Veronique Boone

Architectenbureau: 

Rotor

Ontwerpers: 

Lionel Devlieger
Maarten Gielen
Mia Schmallenbach

Opdrachtgever: 

Rotor vzw

Taal: 

Nederlands

Straat: 

Vlaamsesteenweg

Nummer: 

181

Postcode: 

1 000

Gemeente: 

Brussel

Land: 

België

Datum ontwerp: 

2006

Datum oplevering: 

2006

Oppervlakte: 

120 m²

Volume: 

240 m³

Totale bouwkost: 

3 000 €, excl. BTW

Totale bouwkost per m2: 

25 €, excl. BTW

Studiebureaus: 

Coffral nv

Hoofdaannemers: 

Rotor vzw en vrijwilligers

Corporate partners

Retail Estates

Cultural partners