Uit het Architectuurboek N°10: Cultuurcentrum C-Mine, Genk

Reconversie tot cultuurcentrum
C-Mine Genk - 51N4E  © Marc De Blieck
C-Mine Genk - 51N4E  © Marc De Blieck
C-Mine Genk - 51N4E  © Marc De Blieck
C-Mine Genk © 51N4E
C-Mine Genk © 51N4E
C-Mine Genk © 51N4E
C-Mine Genk © 51N4E
C-Mine Genk © 51N4E
C-Mine Genk © 51N4E
C-Mine Genk © 51N4E
C-Mine Genk © 51N4E
C-Mine Genk © 51N4E
C-Mine Genk © 51N4E
C-Mine Genk © 51N4E
C-Mine Genk © 51N4E
C-Mine Genk © 51N4E
C-Mine Genk © 51N4E
C-Mine Genk © 51N4E

51N4E vormde het voormalige zenuwcentrum van de steenkoolmijn Winterslag om tot het nieuwe hart van C-Mine. De voormalige compressorenzaal, de ophaalgebouwen en de barenzaal worden opnieuw geprogrammeerd en uitgebouwd tot cultuurcentrum, designcentrum en toeristisch bezoekersonthaal.

Restauratie
De bestaande gebouwen vormen bakstenen omhulsels voor de machines die ze huisvesten. Enkel al door hun schaal en ingenieursvormgeving dwingen ze respect af. Door te opteren voor een bewust lichte restauratie blijven de gebouwen maximaal intact, als uitzonderlijke getuigen van het mijnverleden.

Uitbreiding
De industriële gebouwen doen zich voor als een monoliet. Functioneel gezien bestaan de gebouwen uit een vijf meter hoge labyrintische funderingssokkel met daarop een aantal majestueuze machinezalen. Het contrast tussen licht - donker, hoog - laag, luchtig - ingesloten is de grootste troef van deze gebouwen. Voor de uitbreiding is er dan ook resoluut geopteerd om dit contrast verder door te trekken en te bestendigen. De bestaande sokkel wordt uitgebreid over de volledige beschikbare bouwplaats. De nieuwe sokkel in wit beton voorziet probleemloos alle nieuwe functies op het gelijkvloers. Enkel de twee nieuwe zalen zullen door hun volumetrie boven de sokkel uitpriemen.

‘Culturele’ machines
De twee nieuwe theaterzalen worden bedacht als ‘culturele’ machines. Samen met de ophaalgebouwen en de compressorenzaal vormen ze een nieuw ensemble van machinekamers op een grote piano nobile. Tussen de culturele en de industriële machinekamers ontstaan er unieke buitenterrassen die hetzelfde rood-witte motief meekrijgen als het bestaande interieur. De twee theaterzalen baden net als de machinezalen in daglicht en worden voorzien van een aanpasbare verduistering in stalen lamellen. De grote zaal wordt voorzien van een vaste gradin, terwijl de kleine zaal een vlakke vloer meekrijgt.

Programmatie
Het nieuwe complex zal zijn hoofdentree aan het stedelijke plein hebben. Via een grootschalig stalen volume wordt het publiek van het plein naar de foyer gefilterd. Eens binnen wordt men verwelkomd in het toeristische bezoekerscentrum. De foyer zal fungeren als een grote verdeelruimte, van waaruit men toegang heeft tot de andere functies zoals de tentoonstellingsruimte, het café-restaurant, de grote en de kleine theaterzaal. Boven de foyer bevindt zich de compressorenzaal, die als expansievat kan ingezet worden voor zowel het design centrum, het cultuurcentrum als voor externe derden. Vanuit de compressorenzaal krijgt de bezoeker toegang tot de Mine Experience, het designcentrum, het café-restaurant en de nieuwe buitenterrassen – met uniek uitzicht op de terril.

Bron: deze projectbeschrijving is gebaseerd op de projecttekst van de architecten en een tekst van Dries Ramaekers (3de bachelor architectuur van de Artesis Hogeschool).

Dit project werd opengesteld op de Dag van de Architectuur 2011.

Meer info:
- Meer over architectuur in Limburg uit het Dag van de Architectuurtijdschrift 2011.
'Genk en Hasselt slaan steeds meer de handen in elkaar om kwalitatief hoogstaande architectuur en kunst in de provincie Limburg te stimuleren. Een evolutie die ondermeer door Jo Berben, architect (a2o-architecten) en docent aan het departement Architectuur van de Provinciale Hogeschool Limburg, met enthousiasme wordt onthaald. Je kan vandaag spreken van een culturele as, die start in Kunstencentrum Z33 in Hasselt, en helemaal wordt doorgetrokken tot in C-Mine in Genk.'
- Meer over het thema duurzaamheid uit het Dag van de Architectuurtijdschrift 2011.
'Christoph Grafe, directeur van het VAi (Vlaams Architectuurinstituut) en Denis Dujardin, landschapsarchitect en docent stedenbouw, pleiten voor een culturele benadering van het begrip ‘duurzaamheid’. Zij beschouwen de duurzaamheidsgedachte ruimer dan een puur technologische revolutie en willen naar een mentaliteitswijziging die ons aanzet creatiever en zuiniger om te gaan met onze leefomgeving.'
-
Meer over het thema participatie uit het Dag van de Architectuurtijdschrift 2011.
'Architecten en beleidsmakers zien alsmaar meer het belang in van de zogenaamde participatieaanpak tijdens het ontwerpproces. Waar de wisselwerking tussen architect en bouwheer de logica zelve is, wordt de directe en indirecte gebruiker steeds meer betrokken. Jo Berben (a2o-architecten), Kristiaan Borret (Antwerps stadsbouwmeester) en Jo Lefebure (hoofd Cel Architectuur Gent) over hun ervaring met participatieprojecten.'
- C-Mine.

Architectenbureau: 

51N4E

Ontwerpers: 

Johan Anrys, Freek Persyn, Peter Swinnen

Opdrachtgever: 

Stad Genk

Taal: 

Nederlands

Straat: 

C-Mine

Nummer: 

10/1 1

Postcode: 

3 600

Gemeente: 

Genk

Land: 

België

Datum ontwerp: 

2006

Datum oplevering: 

2010

Oppervlakte: 

15 000 m²

Totale bouwkost: 

30 000 000 €, excl. BTW

Totale bouwkost per m2: 

2 000 €, excl. BTW

Studiebureaus: 

Consultants: TTAS (theater techniques)
Bureau Monumentenzorg (heritage), Arat/ Philip Baelus (restoration)
Structureel ingenieur: BAS/ Dirk Jaspaert
Technisch ingenieur: IRS
Akoestiek: Daidalos-Peutz Calculation: Probam

Hoofdaannemers: 

Houben

Corporate partners

Retail Estates

Cultural partners

hier niet aan komen aub