Hommage

Architect Paul Meekels overleden

Op 13 oktober 2026 overleed architect Paul Meekels (1929-2026). Als belangrijke vertegenwoordiger van het naoorlogs modernisme en brutalisme in België tekende hij een veelzijdig oeuvre.

De menselijke maat als uitgangspunt

Meekels had zoals vele andere generatiegenoten een grote bewondering voor de architectuur van Le Corbusier. Hij ontdekte hierdoor het modulor-systeem van Le Corbusier, waarbij de menselijke maat als uitgangspunt voor het architectuurontwerp wordt gebruikt. Dit paste Meekels ook zelf toe. Zijn bezoek aan de Chapelle Notre-Dame du Haut in Ronchamps van Le Corbusier liet een diepe indruk na. Hij was vooral onder de indruk van de revolutionaire vormgeving en de wisselwerking tussen materie en licht.

De start van een architectencarrière

Na zijn studies aan het Nationaal Hoger Instituut voor Bouwkunst en Stedebouw in Antwerpen, werd Meekels vennoot bij het invloedrijke bureau van Léon Stynen en Paul De Meyer. Hij werkte er onder meer mee aan de verschillende projecten voor de Brusselse wereldtentoonstelling van 1958.

“Ik maak nooit architectuur om de architectuur: de architect staat nooit centraal. De architect is geen egotripper. Integendeel, zijn eerste bekommernis is de mens en niet het gebouw dat net als de architect ten dienste staat en ondergeschikt is aan de behoeften van de mens en de samenleving. Hij wil een betere wereld, een aangenamere werkelijkheid scheppen”.

Paul Meekels, 3 mei 2008

Een eigen koers in de architectuur

In 1959 startte Meekels zijn eigen architectuurpraktijk. Medewerkers waren onder meer Karel Beuten, Robert Jacobs en Julienne Van den Bergh. Hij ontwierp vooral woningen, bedrijfsgebouwen, scholen en enkele moderne religieuze kerken en gemeenschapscentra in Antwerpen en Brabant.

Bekende realisaties zijn de eerste bedrijfsgebouwen voor Janssen Pharmaceutica in Beerse (1957), de Pius X kerk in Wilrijk (1966 in samenwerking met Lode Wouters) en de agora van UFSIA (1991), nu Universiteit Antwerpen. Bijzonder zijn ook zijn eigen (atelier)woningen in Antwerpen. Ze zijn exemplarisch voor de doorgedreven ontwerpfilosofie van al de stadswoningen en landhuizen die hij ontwierp. Heel dikwijls waren ook het interieur en meubilair van zijn hand.

“Ik doe niet aan make up architectuur. Als je architect wil zijn, denk dan op een rationele manier na over elke lijn die je op papier zet en geen enkele om de esthetiek. Hou je ver van publicaties, hierin komt alleen de vorm tevoorschijn, niet zijn bestaansredenen”.

Paul Meekels, 3 mei 2008

Zoektocht naar efficiëntie en standaardisatie

Tijdens zijn zoektocht naar een zo zuinig mogelijke architectuur en een efficiënt beheer van de beschikbare middelen, ontwikkelde hij ook eigen systeem van gestandaardiseerde modulaire woningen.

    “Er wordt geen rekening gehouden met de twijfels van de architect die in de loop van de creatie en de, altijd eerste, uitvoering optreden. Ik ben een twijfelaar die een enkele keer wel eens tevreden was over het resultaat, maar dikwijls tot de conclusie kwam dat de zaak sterk voor verbetering vatbaar was”.

    Paul Meekels, 3 mei 2008

    “Er wordt mij soms verweten dat ik een romanticus zou zijn met een te grote verbeelding, maar ik geloof dat het onze plicht is om romantisch te zijn en te dromen van een betere wereld”.

    Paul Meekels, 3 mei 2008

    De citaten zijn afkomstig uit een interview afgenomen door Jacint Schoetens in het kader van haar thesis Paul Meekels. Architectus Ludens (Antwerpen, academiejaar 2007-2008).

    Gepubliceerd op 19 oktober 2026